AOW: jongere partner
Wanneer heb ik recht op partnertoeslag bij mijn AOW-pensioen?
Partnertoeslag wordt gegeven als de jongere partner van een paar (gehuwd of samenwonend) nog geen 65 jaar is. Of de toeslag uitbetaald wordt en hoe hoog deze is, is afhankelijk van het inkomen van de jongere partner.
Het AOW-pensioen van de oudste partner is onvoldoende voor twee personen. Daarom krijgt deze bovenop zijn of haar AOW-pensioen een toeslag voor de jongere partner: 50% van het wettelijk minimumloon. Op die manier ontvangt het paar samen 100% van het netto minimumloon. Of de toeslag wordt uitbetaald en hoe hoog hij is, is afhankelijk van het inkomen van de jongere partner. Inkomenstoets De toeslag is afhankelijk van het inkomen van de jongere partner. Daarbij moet onderscheid worden gemaakt tussen inkomen uit arbeid en inkomen in verband met arbeid. Inkomen uit arbeid is het loon van de partner of zijn inkomen als zelfstandige. Inkomen in verband met arbeid is een Ziektewet-, WW-, WAO- WIA- of VUT-uitkering. Ook vervroegd pensioen, nabestaandenpensioen van de partner en soortgelijke uitkeringen vallen daaronder. Inkomen in verband met arbeid wordt volledig van de toeslag afgetrokken. van het inkomen uit arbeid wordt een gedeelte vrijgelaten. Als hij/zij ook 65 wordt, vervalt de toeslag en krijgen beide partners een AOW-pensioen van 50% van het wettelijk minimumloon.
Let op: met ingang van 1 januari 2015 vervalt de partnertoeslag voor nieuwe AOW-gerechtigden.


