Ontbindingsprocedure bij de kantonrechter
Hoe ziet de procedure bij de kantonrechter eruit?
De ontbindingsprocedure begint met het indienen van een verzoekschrift (bijvoorbeeld door je werkgever). Je wordt uitgenodigd om een verweerschrift in te dienen tegen dit ontbindingsverzoek. Zowel je werkgever als jij kunnen jullie laten bijstaan door een gemachtigde, die geen advocaat hoeft te zijn. De behandeling van het verzoekschrift begint in ieder geval binnen vijf weken na het indienen van het verzoek.
Aan jou wordt gevraagd of er verband bestaat tussen het ontbindingsverzoek van je werkgever en een opzegverbod.
Als de beide partijen het eens zijn met de ontbinding en jullie deze weg volgen om jouw werkloosheidsuitkering veilig te stellen (dat zijn pro forma-zaken), dan kan ontbinding binnen een paar weken rond zijn. In deze zaken zijn beide partijen vaak met elkaar overeengekomen dat je bij de ontbinding een bepaalde vergoeding dient te krijgen. De rechter kent deze vergoeding toe wanneer hij de arbeidsovereenkomst ontbindt.
In andere gevallen (geen pro forma-zaken) kunnen er zes weken verstrijken voordat de kantonrechter zijn beschikking geeft. De uiteindelijke ontbinding kan in principe niet met terugwerkende kracht gebeuren, maar wel met onmiddellijke ingang of op een later tijdstip ingaan. Tegen het oordeel van de kantonrechter kun je meestal niet in hoger beroep gaan.


